Hercules doodt de Hydra, Louvre

Hercules doodt de Hydra
Hercules Bosio  Louvre
Parijs


Hercules redt de dode Alkestis
uit de onderwereld
Detail uit 'n schilderij van Paul Cézanne

Hercules Farnese,
Muzeo Archelogico
Napels


Hercules en zijn heldendaden

Hercules is een zoon van Zeus en de koningin van Tiryns.
Hera was jaloers op Hercules en werkte hem tegen. Zij stuurde slangen op hem af toen hij baby was. Hij was toen al zo sterk dat hij met elke hand een slang pakte en ze wurgde voor ze hem iets konden aandoen. Hij was niet alleen sterk maar ook opvliegend, daarom stuurde zijn vader Hercules naar het platteland om hem rustig te laten opgroeien tussen de herders.
Toen Hercules opgroeide moest hij kiezen hoe hij zijn kracht zou gebruiken. Tijdens een wandeling kwam hij twee vrouwen tegen. De één heette Plezier. Zij beloofde hem een gemakkelijk leven vol vreugde en rijkdom. De andere heette Plicht. Ze vertelde dat hem, dat zijn leven zou bestaan uit inspanning en verdriet. Hij zou een zwaar leven krijgen maar op zijn oude dag zouden de mensen hem gaan eren. De goden zouden hem zelfs verwelkomen als Held.  Hercules dacht even na, maar hij koos voor de Plicht. en de goden hem verwelkomen als een held

Hercules versloeg reuzen en monsters. Hij hielp het volk van Thebe om het leger van koning Erginos te verslaan aan wie de Thebanen al jarenlang zware belasting moesten betalen. De Grieken bewonderde hem en van de goden ontving hij geschenken: Athena gaf hem een wapenrusting, Hermes een onweerstaanbaar zwaard, Apollo scherpe pijlen die altijd hun doel treffen. Zeus droeg Hephaistus op een schild voor hem te maken.

In opdracht van het orakel van Delphi verrichtte Hercules in dienst van Eurystheus, de koning van Tiryns en een beschermeling van Hera, zijn 12 werken.
Eerst wilde Hercules niet in dienst van de koning van Tiryns werken. Want als hij iets eerder geboren zou zijn, dan zou hij zelf de koning van Tiryns zijn geweest.
Hij werd zo kwaad van het idee, om onderdanig aan Eurystheus te moeten zijn, dat hij in zijn wilde woede zijn eigen kinderen voor reuzen aanzag en hen vermoordde.
Toen hij tot bedaren was gekomen, zag hij wat hij had aangericht. Hercules kreeg zo'n spijt, dat hij toch het orakel gehoorzaamde en de opdrachten van Eurystheus uitvoerde. .

Eurystheus wilde Hercules zo snel mogelijk  uitschakelen. Daarom moest Hercules twaalf opdrachten uitvoeren.
De eerste opdracht luidde: het doden van de monsterlijke leeuw die iedereen in het land Nemea schrik aanjoeg. Omdat er geen wapen door de leeuwenhuid kon dringen, sloeg Heracles het dier bewusteloos met een knuppel. Hij wurgde de leeuw met zijn handen, vilde hem en gebruikte de huid als mantel, zodat hij zelf onkwetsbaar zou zijn.
De tweede opdracht: Hercules moest de Hydra, de onsterfelijke slang met negen koppen doden. Dit lukte hem ook door zijn kracht en slimheid, ondanks het feit dat voor elke afgeslagen kop twee nieuwe koppen in de plaats groeiden.
De derde opdracht: het levend vangen van de zeer schuwe hinde met het gouden gewei.
De vierde opdracht: het vangen van het Erymanthische everzwijn, omdat dit reusachtige beest het land rond de berg Erymanthus onveilig maakte. Hercules moest dat everzwijn levend vangen en naar Tiryns brengen. Toen Eurystheus de everzwijn zag schrok hij zo dat hij zich verstopte in een kruik.
De vijfde opdracht: dit was zeer vernederend. Hercules moest binnen een dag de mest opruimen in de uitgestrekte stallen van de enorme kuddes van Augias. Dit was in geen jaren gebeurd dus onmogelijk om binnen een dag te doen. Het lukte Hercules. Hij legde de stroom van een rivier tijdelijk om, zodat het water de mest uit de stallen wegspoelde.
De zesde opdracht
: Hercules moest de monsterlijke roofvogels uit het moeras van Stymfalos verjagen. Zij vielen met hun ijzeren snavels en klauwen alles aan wat bewoog.
Dit lukte hem met behulp van Hefaistos die Hercules, die hem een stel enorme ijzeren kleppers gaven, die zoveel lawaai maakten, dat de vogels schrokken, wegvlogen en nooit meer terug kwamen.
De zevende opdracht: nu moest hij een wilde stier die Kreta verwoestte, wegvoeren. Dit was helemaal geen probleem voor Hercules. Hij wist het monsterlijke dier zelfs te temmen en te berijden!
De achtste opdracht: Hij moest de wilde paarden van koning Diomedes, die als voer slechts vreemdelingen aten, vastzetten met ijzeren klemmen.
De negende opdracht
: hiervoor moest Hercules naar de Amazones, een wild volk vrouwen die op paarden reden en goed waren in jagen en vechten. Hij moest de riem van de koningin veroveren. Dit leek een makkelijke opdracht. De koningin wilde Hercules de riem best geven. Toen Hera dit hoorde verspreidde zij het gerucht dat Hercules de koningin wilde ontvoeren. De Amazones sprongen op hun paarden. Er ontstond een gevecht dat Heracles met moeite won. Als losprijs voor de koningin kreeg hij haar riem, de gouden riem die zij ooit van Ares kreeg.
Na het achtste werk, wachtte het negende. En nog steeds was de wens van koning Eurystheus. De dood van Hercules, niet vervuld.
De tiende opdracht: leek onmogelijk. Hercules moest de kudde runderen van reus Geryones naar Eurystheus brengen. Deze reus was een afschuwelijk monster met verschillende hoofden en lichamen. Zijn kuddes werden bewaakt door een andere gevaarlijke reus met zijn gevaarlijke tweekoppige hond.
Hercules wist met zijn knots en pijlen, de hond en reuzen onschadelijk te maken. Op de lange terugweg (Geryones woonde helemaal bij Spanje) wilden rovers de runderen stelen. Zeus schoot Hercules te hulp en overviel de rovers een bui zware hagelstenen.
De elfde opdracht: Hercules moest de gouden appels uit de tuin van de Hesperiden, meenemen. De vier schone jonkvrouwen, aan wie de tuin toebehoorde, hadden als waker een honderd -koppige draak. Deze opdracht bracht Hercules weer ver van huis. De Hesperiden woonden aan het andere uiteinde van de bewoonde wereld, voorbij het huidige Atlasgebergte.
De reus Atlas, die de wereld op zijn schouders droeg (zie het verhaal van Perseus), wilde Hercules wel helpen als die tijdelijk zijn zware taak zou overnemen.
Atlas haalde appels, maar hij wilde de wereld niet meer gaan dragen. Pas toen Hercules hem vroeg om het maar heel even te doen, omdat Hercules kon rusten, nam hij de wereld terug op zijn schouders.  Op het moment dat Atlas de wereld weer op zijn schouders had genomen, verdween Hercules heel snel, met de gouden appels.

De twaalfde en laatste opdracht: was de driekoppige hellehond, Cerberus, uit de onderwereld te voeren. Dit lukte Hercules ook, na veel avonturen. Hercules werd hierbij geholpen door Hermes die hem begeleidde op zijn weg en door het schild dat Hefaistos voor hem had gesmeed.
Hiermee had Hercules gedaan wat de goden hem hadden gevraagd.

Zijn dienstbaarheid aan Eurystheus was nu beëindigd. Maar de heldendaden van Hercules eindigde niet hier. Hij hielp de mensen nog vele jaren, met het verslaan van monsters en bij andere gevaren.
Toen hij door een gemene list uiteindelijk stierf, werd hij door Zeus onder luid dondergerommel op een wolk naar de berg Olympus gebracht waar Hercules nog steeds leeft, tot op de dag van vandaag.